Bij dreigend hoogwater op de rivier de Maas krijgt het waterschap een melding van Rijkswaterstaat. Meteen controleert het waterschap alle afsluiters in de beken. De afsluiters voorkomen dat Maaswater terug de beken instroomt en overlast veroorzaakt in het achterland. Er zitten ook afsluiters in diverse leidingen die onder de dijken doorlopen.
Als de verwachte waterstanden steeds hoger worden, worden de afsluiters daadwerkelijk gesloten. Medewerkers zetten de coupures (doorgangen voor bijvoorbeeld wegen) dicht en bouwen demontabele wanden op. Ook worden pompinstallaties ingericht om overtollig water weg te pompen.
De vrijwillige kadewachten maken zich klaar voor hun inspectieronden en het coördinatie-centrum van het waterschap wordt ingericht en bemand. Het waterschap werkt dan nauw samen met vertegenwoordigers van brandweer, politie, GGD, gemeenten en andere instanties. Het waterschap is dag en nacht bereikbaar en continu in touw om de dijken te bewaken en de waterstanden in de Maas en in de beken in de gaten te houden.
