
De grondeigenaar waar het waterschap afspraken mee maakt wordt eigenaar van de stuw. Mocht de stuw overbodig worden, bijvoorbeeld als de sloot komt te vervallen, dan wordt de stuw door het waterschap opgehaald, zodat deze elders weer gebruikt kan worden.
Overigens verzorgt het waterschap het constructief onderhoud van de stuw.
Het waterschap plaatst de stuw. Zowel de aankoop als het plaatsen wordt betaald door het waterschap.
Als er gebieden zijn waar door extensief onderhoud wateroverlast optreedt, kunnen agrariërs aanspraak maken op deze regeling. Dit dient gemeld te worden bij het waterschap (klachtenlijn 077 3891161). Dan wordt de procedure in gang gezet om te bekijken of deze overlast inderdaad kan leiden tot een natschaderegeling.
In meanderende beken wordt een zomer- en een winterbed aangelegd. De bodem wordt verhoogd, zodat er weinig of geen verschil is in drooglegging ten opzichte van de situatie vóór de meandering.
Dit is wel mogelijk, maar dan moeten agrariërs zelf doorgeven aan het waterschap dat er op bepaalde plaatsen andere gewassen geteeld worden dan normaal. Dan kan het peil hier voor het groeiseizoen op aangepast worden.
In principe ligt de bediening van de stuwen in primaire wateren bij het waterschap. Er wordt echter een pilot gedaan, om te kijken hoe het werkt als de agrariërs ook deze stuwen gaan bedienen. Als dit goed bevalt, wordt bekeken hoe ermee verder gegaan wordt.
Een agrariër kan een verzoek doen voor extra stuwtjes.
De resultaten zijn pas meetbaar als alle stuwtjes daadwerkelijk bediend worden. Er is een programma voorhanden dat de resultaten kan berekenen.
De stuwen zijn een onderdeel van het totaalpakket aan maatregelen uit Nieuw Limburgs Peil. In dit totaalpakket is opgenomen dat de vergunningsplicht voor onttrekkingen wordt omgezet in algemene regels. In de algemene regels geldt een gebiedsdekkend ‘standstill’, en moeten putten en pompen aan vaste voorwaarden voldoen. Als het totale pakket van maatregelen in Nieuw Limburgs Peil is gerealiseerd, levert dit een besparing aan beregeningsbehoefte op van gemiddeld ruim 20%. Verder vervalt de huidige administratieve last rondom de belangrijkste natuurgebieden.
Peilgestuurde drainage is een drainagesysteem waarbij het ontwateringspeil tussentijds kan worden ingesteld: in de winter hoog, in het voorjaar laag, in de zomer hoog en in het najaar weer wat lager. Zo is er altijd voldoende water voor de plantengroei en voldoende drooglegging bij zaai- en oogstwerkzaamheden.
Peilgestuurde drainage is een andere vorm van waterconservering dan het plaatsen van stuwen. Ze vullen elkaar wel goed aan.
Het is de bedoeling dat de grondeigenaar de gebruiker van het perceel informeert over de bediening van de stuw.
Nee, de stuwen worden bekostigd door het waterschap. Ook het plaatsen gebeurt in opdracht van en op kosten van het waterschap.
Dit zal in goed overleg moeten gebeuren. Voor de hand ligt dat diegene waarvan het slootpeil het meest kritisch is, de stuw bedient.
Nee, het is alleen de bedoeling dat de agrariërs de stuw optimaal benutten.
Als er nooit water in de sloot komt, is de gehele sloot dus overbodig. Ervan uitgaande dat de sloot er niet voor niets ligt, en dus soms water bevat, heeft een stuw dus wel degelijk zin. Al het water dat nu in de sloot komt, kan dan worden vastgehouden.
Ja, beken die nooit water hoeven af te voeren, kunnen worden gedempt of voorzien van gronddammen. Die gronddam hoeft natuurlijk niet de hele beek op te stoppen. Een gronddam tot halverwege het profiel is ook prima om waterafvoer tegen te gaan. Mocht het dan onverhoopt toch een keer nat worden op het perceel, dan is de dam eenvoudig weer te verwijderen.
Sloten met veel verhang bevinden zich meestal al dicht bij de Maas. Als blijkt dat hier nog winst te behalen is, wordt zeker bekeken of hier door middel van een extra stuw water vastgehouden kan worden. Meestal zijn de afvoeren hier meer dan 150 liter per seconde, en dan wordt in het project Stuwende Kracht geen stuw meer geplaatst.
Dit wordt voorkomen door de afspraak dat de aannemer geen enkele stuw mag plaatsen voordat hij twee dagen vooraf contact heeft gehad met de grondeigenaar om de plaats nogmaals te checken.
Antwoord op deze vraag is in onderzoek bij het waterschap.
Stuwbeheer begint met afspraken maken. Grondeigenaren moeten zelf met anderen afspraken maken over de hoogte van stuwpeilen. Het waterschap wil daar wel graag bij helpen.
Ja, dat is juist de kracht van dit project. Niemand kent de waterhuishouding op de percelen beter dan de grondeigenaar zelf . Die weet wanneer het te droog of te nat wordt voor de gewassen. Het waterschap wil van grondeigenaren leren om samen de waterhuishouding in het gebied te verbeteren.
Ja, maar het project Stuwende Kracht is vrijwillig, maar niet vrijblijvend. Het waterschap en de grondeigenaar spreken samen af om een stuw aan te leggen voor het conserveren van water. Daarmee wordt samengewerkt aan het terugdringen van de verdroging, met als direct voordeel voor de boer dat hij minder hoeft te beregenen. Dat lukt natuurlijk alleen als de stuw ook wordt opgezet. Waterschap Peel en Maasvallei begeleidt grondeigenaren bij het bedienen van de stuwen en wil dit in de toekomst faciliteren door bijvoorbeeld de agrariër door middel van mail te attenderen op het aanpassen van de stuwstanden.
De grondeigenaar waar afspraken mee zijn gemaakt, gaat de stuw bedienen. Als een stuw in een grenssloot staat, wordt die in de meeste gevallen bediend door degene waarvan het slootpeil het meest kritisch is.
Het waterschap heeft een onderzoek verricht naar de meest optimale plaatsen voor het aanbrengen van stuwen, de grondgebruiker beslist zelf of en waar de stuwen uiteindelijk geplaatst worden. Een medewerker van het waterschap zal samen met de grondgebruiker de stuwlocatiekeuze ondersteunen door bijvoorbeeld kaartmateriaal over de perceelshoogten.